In de maanden februari, maart en april worden veel fruitbomen vegetatief vermeerderd. Dit gebeurt veelal door middel van enten of oculeren. Fruitboomkwekers leggen zo hun nieuwe voorraden fruitbomen aan die ze over enkele jaren te koop aan bieden.  Fruitboomkwekers vind je overal maar van oudsher – en ook nu nog – zeker in de Betuwe. Een groot deel van de bewoners in met name de Neder-Betuwe is Godvrezend. Dit werd weer eens bevestigd door de uitslag van de recente gemeentelijke verkiezingen. Nu valt te stellen dat het enten voortvloeit uit de Bijbelse opvatting dat de mens de aarde van God in beheer heeft gekregen en deze dient te bewerken en te beheren als een goed rentmeester. Maar hoever gaat een goed rentmeester?

Vooropgesteld: enten en net zo goed oculeren is te omschrijven als gefriemel. Bij enten laat je stukjes jong hout van 2 verschillende soorten fruit aan elkaar groeien. Bij fruitbomen werkt het net even anders dan als bij mensen. Wie zijn duim per ongeluk afzaagt, kan als de wiedewaai naar het ziekenhuis gaan, en met enig geluk kan de ongelukkige duim weer aangezet worden. Wie te lang wacht, heeft echter pech. Dan sterft de duim af. Bij het enten moet je ook niet te lang wachten om het stukje jonge hout van de ene boom op het hout van de andere boom te plaatsen. Ook dan sterft het aan te zetten stukje af, door uitdroging. Maar ergens zijn beide handelingen vergelijkbaar. Vanuit de vergelijkbaarheid is de kunst van het enten als volgt te beschrijven: de duim van persoon A wordt op de hand van persoon B gezet. Een leek zal zich afvragen: “Waarom zou een mens dit willen? Mijn eigen duim is toch prima?”

Bij fruitbomen zal het jonge twijgje van soort A dat geplaatst wordt op het stammetje van soort B uitgroeien tot een vruchten dragende boom. Soort A geeft vruchten die lekkerder of mooier zijn dan de vruchten van soort B. Daarmee is de handeling verklaard. Het principe van enten is al enorm oud. Mensen uit de Oudheid hadden al snel door dat je met fruitsoorten kon spelen. En wat zo positief is: de enter wordt beloond met een mooie boom die ieder jaar meer vruchten zal leveren van de gewenste soort. Je zal maar van soort B zijn. Je bent goed genoeg om soort A te dienen maar je zult nooit zelf vrucht dragen. Toch moet het belang van soort B, de onderstam, niet onderschat worden. Soort B beschikt over de wortels en zal dus bepalen hoeveel voedsel en welk voedsel soort A krijgt toegediend. Soort A is in vele opzichten afhankelijk van soort B. Als soorten A en B niet goed matchen, blijven de vruchten van A klein of zijn ze minder van smaak. Bij een mismatch zal soort A zelfs ziek worden door schimmels, bacteriën en/of virussen. En dat allemaal omdat soort B niet goed matcht met soort A en andersom.

De fruitboomkweker heeft er geen baat bij als soort A ziek wordt, of slechte vruchten geeft. Dan koopt niemand zijn bomen meer. De fruitboomkweker kiest zorgvuldig soort B, zijn onderstammen uit. Voortdurend zoeken specialisten naar nieuwe soorten onderstammen die nog beter matchen met soort A. Want alle fruitliefhebbers en alle producenten hebben baat bij de productie van mooie en gezonde vruchten.

Deze basisgedachte rechtvaardigt verder onderzoek. Het uiterlijk van vruchten kun je positief beïnvloeden met gebruik van chemische middelen. Met chemische middelen kun je ook de kans reduceren dat bomen en of vruchten ziek en aangetast worden. Wie niet van chemische middelen houdt, gebruikt middelen uit de natuur. Maar ook deze middelen werken slechts vanwege stoffen die een chemisch effect sorteren. Chemisch of natuurlijk: het blijft het lepeltje levertraan dat dagelijks geslikt wordt als de r in de maand zit. Anders wordt het wanneer Moeder Natuur een onderstam genereert die zo goed matcht met zijn levenspartner dat schimmels, bacteriën of virussen geen kans meer hebben om dood en verderf te zaaien. Of wanneer Moeder Natuur zorgt voor een mutatie, een spontane wijziging in de genen, in een twijg van soort A  die ervoor zorgt dat vruchten niet langer aangetast worden. Gebruik deze unieke twijg om voortaan te enten en alle bomen zullen de vruchten krijgen die niet niet langer aangetast worden. Wie nog een stap verder durft te gaan, wacht niet op Moeder Natuur maar gaat zelf aan de slag. Je leest het genenpaspoort van soorten A en B uit, je constateert waar de schrijffouten zitten en je handelt alsof je in Word een tekst corrigeert: knip, plak, klaar. Hoe mooi is Gods Schepping?

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *